Erfbelasting gaat niet over inkomen, maar over eigendom Eén van de meest gehoorde argumenten ter verdediging van de erfbelasting is dat een erfenis inkomen is. Op het eerste gezicht klinkt dat intuïtief: iemand krijgt vermogen en is daar belasting over verschuldigd. Maar economisch gezien is een erfenis helemaal geen inkomen. Sterker nog, dit onderscheid wordt al eeuwenlang gemaakt in de economie. Inkomen is de beloning voor arbeid, ondernemerschap of het beschikbaar stellen van kapitaal. Een salaris is inkomen. Winst is inkomen. Rente, dividend en huurinkomsten zijn inkomen. Een erfenis is dat echter niet, want bij een erfenis ontstaat geen nieuwe economische waarde. Er wordt immers niets geproduceerd. Er wordt geen extra vermogen gecreëerd. Bestaand vermogen wisselt simpelweg van eigenaar. Dat onderscheid is niet alleen economisch relevant. Ook de Nederlandse fiscale wetgeving maakt dit onderscheid: een erfenis wordt namelijk niet belast via de Wet inkomstenbelasting uit 2001, maar via een afzonderlijke wet: de Successiewet uit 1956. Dat bewijst niet dat erfbelasting onjuist is. Het laat zien dat ook de fiscale wetgeving een erfenis niet behandelt als inkomen, maar als een afzonderlijke vorm van vermogensverkrijging door overlijden. Toch wordt in het publieke debat vaak beweerd dat een erfenis ‘eigenlijk gewoon inkomen’ is, maar daarmee worden twee verschillende begrippen door elkaar gehaald. De grondslag van de belasting is immers de verkrijging van vermogen. Het object van die verkrijging is bestaand eigendom. Dat is iets fundamenteel anders dan nieuw gecreëerd inkomen. Een belasting verandert immers niet de aard van hetgeen zij belast. Motorrijtuigenbelasting maakt een auto geen inkomen, overdrachtsbelasting maakt een woning geen inkomen en erfbelasting maakt een erfenis evenmin inkomen. Dat onderscheid is belangrijk, omdat we het debat wel zuiver moeten voeren. Neem de veelgenoemde overwaarde van een geërfde woning. Alsof die waardestijging belastingvrij uit de lucht is komen vallen. In werkelijkheid is die woning doorgaans gekocht met inkomen waar al inkomstenbelasting over is betaald. Bij de aankoop is overdrachtsbelasting verschuldigd geweest. Tijdens het bezit zijn jaarlijks onroerendezaakbelasting en andere (gemeentelijke) belastingen en heffingen betaald. Afhankelijk van de aard van het vermogen en de omstandigheden kan bovendien gedurende meerdere jaren box 3-belasting zijn geheven. Dat betekent niet dat erfbelasting daarom automatisch onrechtvaardig is. Wel laat het zien dat een nalatenschap meestal bestaat uit vermogen dat tijdens de opbouw en het bezit al meerdere keren onderwerp van belastingheffing is geweest. De vraag is daarom niet of een erfenis inkomen is. Economisch is dat niet het geval en ook de fiscale wetgeving behandelt een erfenis niet als inkomen. Een erfenis is een overdracht van bestaand eigendom. En daarmee komen we bij de fundamentele vraag waar het debat werkelijk over zou moeten gaan: van wie is eigendom? Als eigendom in beginsel aan de eigenaar toekomt, ligt het voor de hand dat het eigendomsrecht ook het recht omvat om dat bezit na te laten aan wie hij of zij wil. Het recht om over eigendom te beschikken houdt immers niet vanzelf op op het moment van overlijden. Voorstanders van erfbelasting vertrekken vanuit een ander uitgangspunt. Zij stellen dat eigendomsrechten niet onbeperkt zijn en dat de overheid, in het algemeen belang, voorwaarden mag verbinden aan de overdracht van vermogen. Daarvoor worden uiteenlopende argumenten aangevoerd, zoals het beperken van vermogensongelijkheid, het bevorderen van kansengelijkheid of het financieren van collectieve voorzieningen. Dat is een legitiem politiek standpunt. Maar het is een ander standpunt dan beweren dat een erfenis 'gewoon inkomen' is. Een erfenis is een overdracht van bestaand eigendom. Wie vóór erfbelasting is, hoeft niet te verdedigen dat een erfenis inkomen is. De principiële vraag die verdedigd moet worden is of de overheid de overdracht van privé-eigendom mag belasten. En precies daarover hoort het maatschappelijke en politieke debat gevoerd te worden. Niet over de fictie dat bestaand eigendom van karakter verandert zodra de eigenaar overlijdt en daardoor opeens inkomen wordt. Erfbelasting is geen tweede inkomstenbelasting, maar een afzonderlijke belasting op de overdracht van eigendom. Juist daarom raakt zij aan een van de meest fundamentele vragen: in hoeverre mag de overheid ingrijpen in het eigendomsrecht? Dit eigendomsrecht wordt namelijk beschermd door het nationale en internationale recht, maar is niet absoluut. De wetgever kan daarop beperkingen aanbrengen, waaronder belastingheffing. De vraag is daarom niet of de overheid de overdracht van eigendom mag belasten, maar onder welke voorwaarden en in welke mate. Dat is een legitieme politieke discussie. Laten we die discussie dan ook voeren over waar zij werkelijk over gaat: de grenzen van het eigendomsrecht. Niet over de onjuiste veronderstelling dat een erfenis economisch gezien inkomen zou zijn. Bij een erfenis ontstaat geen nieuw inkomen. Er wordt geen nieuw vermogen gecreëerd. Bestaand vermogen wisselt slechts van eigenaar. #Erfbelasting #Eigendom #Belastingdebate