BETA nonprofit public democratic european moderated

Search

#Pluriformiteit

Column: De Commissie voor Gecontroleerde Pluriformiteit Max von Kreyfelt Nederland blijkt al jaren een commissie te hebben waarvan ik het bestaan nooit had opgemerkt. De Commissie voor Gecontroleerde Pluriformiteit. U vindt haar niet in het Staatsblad. Er bestaat geen voorzitter, geen secretariaat en geen jaarverslag. Toch vergadert zij voortdurend. Aan tafel schuift eerst de NPO Ombudsman aan. Zijn opdracht: beoordelen of journalistieke normen zijn nageleefd. Daarna neemt het Commissariaat voor de Media plaats. Ook dat doet precies waarvoor het bestaat: toezicht houden op de Mediawet. Vervolgens verschijnt de evaluatiecommissie. Die levert een opmerkelijk medisch rapport af. Kritisch over Ongehoord Nederland, maar tegelijk constaterend dat de omroep bijdraagt aan de pluriformiteit van het bestel. De patiënt functioneert, maar veroorzaakt toch ongemak. Dan betreedt een serie politieke aandoeningen het toneel. In de personen van; Ouafa Oualhadj van D66 vindt dat regels voor iedereen gelden. Erik van der Maas van de VVD ziet geen plaats voor een omroep die zich volgens hem niet aan journalistieke normen houdt. Mohammed Mohandis van GroenLinks-PvdA dringt ook aan op ingrijpen. Intussen schrijven journalisten, onder wie Elodie Verweij, over de groeiende politieke druk met de vraag aan de minister om te handelen. En dan blijft er nog één stoel over. Die van minister Rianne Letschert. Iedereen vóór haar heeft inmiddels gesproken. Iedereen geeft een oordeel met advies. Iedereen heeft zijn bestuurlijke geweten gedocumenteerd. Alleen de handtekening ontbreekt nog. Het fascinerende is niet of Ongehoord Nederland fouten heeft gemaakt. Natuurlijk moeten publieke omroepen zich aan de wet houden. Wat mij bezighoudt, is iets anders. We noemen ons bestel graag pluriform. Dat woord klinkt warm, ruimhartig en bijna feestelijk. Alsof iedere afwijkende stem welkom is. Tot die stem daadwerkelijk afwijkt. Dan verandert pluriformiteit ineens in een kwetsbare plant die beschermd moet worden tegen… pluriformiteit. Dat is een bestuurlijke uitvinding van formaat. Een bestel dat is opgericht om verschillende opvattingen naast elkaar te laten bestaan, raakt onrustig zodra één van die opvattingen niet meer netjes binnen het patroon kleurt. Misschien is dat de modernste vorm van tolerantie. Iedereen mag meedoen. Mits hij geen aanleiding geeft om over de grenzen van de tolerantie na te denken. En zo vergadert de Commissie voor Gecontroleerde Pluriformiteit onverstoorbaar verder. Niet om rechtstreeks te bepalen wat er gezegd mag worden. Dat zou veel te opzichtig zijn. Zij bepaalt slechts welke stemmen nog overtuigend genoeg klinken om pluriform genoemd te mogen worden. Dat is een subtiel verschil. Ongeveer zoals het verschil tussen een vogelkooi en een volière. In allebei wordt gezongen. Alleen buiten hoor je soms een ander lied. P.s.: Weet u nog op wie u stemde? 📌 Heeft u mijn bundel al? https://t.co/y64gXJ5yrY 📌 Steunt u mij ook? https://t.co/V2P6pFuNy1 #Pluriformiteit #Media #Journalistiek

Open brief aan John de Mol Beste John, U bent misschien wel de machtigste mediaman van Nederland. U begrijpt kijkcijfers, sentiment, timing en psychologie beter dan bijna wie dan ook. U voelde decennia lang haarfijn aan waar mensen naar wilden kijken en vooral wanneer ze ergens klaar mee waren. Daarom is het interessant dat juist de traditionele media nu massaal het contact met het publiek verliezen. Niet een beetje. Structureel. Het vertrouwen daalt. De interesse verdwijnt. Jongeren lopen weg. En miljoenen mensen zoeken hun informatie inmiddels buiten de klassieke redacties om. Toch klinkt vanuit Hilversum vooral verwarring. Alsof men niet begrijpt wat er gebeurd is. Maar misschien begrijpt u het wél. Want ergens onderweg veranderde journalistiek van nieuwsgierigheid naar opvoedkunde. Van controleren van macht naar begeleiden van publiek gedrag. Van pluriformiteit naar morele choreografie. Niet overal. Niet altijd. Maar vaak genoeg om zichtbaar te worden. Tijdens corona zagen miljoenen Nederlanders iets merkwaardigs ontstaan: vrijwel alle grote redacties dachten ineens hetzelfde, twijfelden op hetzelfde moment aan dezelfde mensen, en nodigden opvallend vaak exact dezelfde experts uit. Dat voelde voor veel burgers niet meer als journalistiek. Dat voelde als afstemming. Daarna volgden Oekraïne, stikstof, migratie, klimaat, censuur, digitale controle, Europese machtsoverdracht — en telkens opnieuw leek het debat smaller te worden naarmate de maatschappelijke impact groter werd. Kritische vragen verdwenen niet letterlijk. Ze werden subtiel sociaal verdacht gemaakt. En juist dát hebben mensen gevoeld. Niet iedereen kon het perfect formuleren. Maar miljoenen burgers herkenden instinctief wanneer informatie niet langer bedoeld was om hen vrij te laten denken, maar om hen binnen acceptabele grenzen te laten blijven. Dus nee: het internet heeft het vertrouwen niet kapotgemaakt. De media zelf hebben dat gedaan. Niet door fouten te maken — fouten horen bij journalistiek. Maar door te stoppen met het serieus toelaten van fundamentele twijfel. En misschien is dat wel de grootste crisis van deze tijd: niet dat mensen “afhaken van nieuws”, maar dat complete instituties hun geloofwaardigheid langzaam hebben ingeruild voor nabijheid tot macht. U kent televisiepsychologie. U weet dat kijkers één ding feilloos aanvoelen: onechtheid. Mensen accepteren een mening. Zelfs propaganda. Maar wat ze uiteindelijk niet verdragen, is het gevoel gemanipuleerd te worden terwijl men ondertussen blijft beweren volledig objectief te zijn. Daarom groeit sociale media. Niet omdat alles daar waar is. Maar omdat daar tenminste nog zichtbaar wordt getwijfeld, gevochten, gezocht en botsend gedacht. Rommeliger. Soms hysterisch. Maar levend. De klassieke media ogen daarentegen steeds vaker als perfect verlichte studio’s waarin niemand nog werkelijk verrast mag worden. Misschien ligt daar juist een historische kans voor iemand als u. Niet nóg een format. Niet nóg een talentenjacht. Maar een platform waar echte journalistieke spanning terugkeert. Waar mensen met fundamenteel verschillende visies elkaar ontmoeten zonder vooraf moreel gesorteerd te zijn. Waar nieuwsgierigheid belangrijker is dan narratiefdiscipline. Nederland snakt daar meer naar dan Hilversum denkt. Met vriendelijke groet, Max von Kreyfelt #journalistiek #media #vertrouwen

Dames en heren, Wij zijn vandaag samengekomen voor een begrafenis. Niet van ON!. Niet van een omroep. Maar van iets dat ooit de trots van Nederland had moeten zijn: het vrije geluid binnen de publieke omroep. En wat tragisch mooi eigenlijk… dat juist de mensen die jarenlang riepen dat zij de democratie, pluriformiteit en diversiteit bewaakten, vandaag zelf met de schep in de hand naast het graf staan. AVROTROS. BNNVARA. EO. KRO-NCRV. MAX. VPRO. WNL. PowNed. Omroep ZWART. HUMAN. De volledige rouwstoet van Hilversum. Organisaties die ons decennialang vertelden hoe belangrijk afwijkende meningen waren, totdat er ineens een mening opdook die niet eerst was goedgekeurd in een redactievergadering met havercappuccino’s en subsidieaanvragen. Toen bleek “diversiteit” ineens vooral te betekenen: verschillende huidskleuren, verschillende logo’s, verschillende jingles, maar vooral géén verschillende werkelijkheden. En dus roept men nu de minister op om “passende maatregelen” te nemen tegen ON!. Passende maatregelen. Wat blijft dat toch prachtig taalgebruik. Hilversum spreekt over censuur zoals een crematorium spreekt over temperatuurbeheer. Netjes. Technocratisch. Emotieloos. Maar laten we vandaag gewoon eerlijk zijn. Dit is geen journalistieke discussie meer. Dit is een gesloten systeem dat nerveus wordt omdat steeds meer Nederlanders buiten Hilversum zijn gaan kijken. En geef die mensen eens ongelijk. Jarenlang kregen ze dezelfde gezichten. Dezelfde morele colleges. Dezelfde tafelgasten. Dezelfde politieke voorkeuren vermomd als objectiviteit. En telkens wanneer burgers daar kritiek op hadden, lag het nooit aan de journalistiek zelf. Nee. Dan was de burger “verward”. “Vatbaar voor desinformatie.” “Onvoldoende weerbaar.” Met andere woorden: de bevolking moest opnieuw worden opgevoed. Dat is het moment waarop journalistiek ophoudt journalistiek te zijn. Dan wordt het ideologische begeleiding. En laten we ook eerlijk zijn over de publieke gezichten die dit klimaat hebben helpen creëren. Al die televisie-dominees van de juiste mening. Al die presentatoren die zichzelf rebels noemen terwijl ze exact hetzelfde denken als hun hoofdredacteur, hun subsidiegever en hun vriendenkring in Amsterdam-Zuid. Mensen die hun hele carrière “tegendraads” mochten spelen binnen een volledig gecontroleerde omgeving. Rebellen zonder risico. Dwarsdenkers met een pensioenregeling. En nu er eindelijk een écht afwijkend geluid verschijnt, blijkt plotseling hoe weinig vertrouwen men eigenlijk heeft in het eigen verhaal. Want wie overtuigd is van zijn argumenten, vraagt geen minister om concurrenten weg te werken. Die gaat het debat aan. Maar debat is gevaarlijk geworden in Hilversum. Want debat betekent risico. En risico betekent controleverlies. Dus staan ze vandaag hier. Niet om ON! te begraven. Maar om het idee te begraven dat de publieke omroep nog werkelijk publiek is. En daarom zeg ik u: Rust zacht, vrije meningsuiting binnen Hilversum. U bent overleden aan angst. Onder luid applaus van iedereen die beweert u te beschermen.  #VrijeMeningsuiting #Journalistiek #Diversiteit

G

Minister Rianne Letschert noemt de conclusie van de visitatiecommissie over Ongehoord Nederland 'zorgelijk' vanwege de onbetrouwbaarheid van de nieuwsvoorziening van de aspirantomroep, maar benadrukt dat deze toch bijdraagt aan de pluriformiteit van het media systeem. #OngehoordNederland #journalistiek #media

Minister Letschert noemt conclusie over Ongehoord Nederland ‘zorgelijk’